Onderzoek bevestigt: Het Nieuwe Werken wordt steeds normaler

Het vertrouwen in Het Nieuwe Werken neemt toe. We geloven echt wel dat die collega zijn uren maakt, ook al zien we hem niet werken. En zelf vinden we (82%) dat onze manager daar ‘natuurlijk’ ook op kan vertrouwen. Dat hoeft hij niet te controleren door naar onze output te kijken. En al helemaal niet door te kijken naar onze aanwezigheid. We willen liever worden beoordeeld op de behaalde resultaten.

Dat beeld ontstaat bij het doornemen van de resultaten van de vierde Nationale Enquête Over Het Nieuwe Werken. Controle op output als ik alleen werk, is voor 40 procent van de deelnemers overbodig. Vorig jaar vond nog maar 30 procent dat. En we zijn er vrij zeker van dat onze collega’s aan het werk zijn als we ze niet zien: het percentage dat daarop vertrouwt, ging van 65% in 2012 naar nu 69%. Natuurlijk kan ook mijn eigen manager erop vertrouwen dat ik mijn uren maak, zegt 82 procent van de deelnemers. En: 'Ik kan de verantwoordelijkheid van HNW aan', zegt niet minder dan 94 procent. Driekwart denkt dat dit ook geldt voor de meeste collega’s.

Het Normale Werken

En daarmee is Het Nieuwe Werken, anno 2014, onderdeel geworden van het normale werken. Het is niet meer iets voor later. Vorig jaar zag 42 procent van de deelnemers aan de nationale enquête Het Nieuwe Werken als toekomstige werkvorm, nu onderschrijft nog maar 17 procent die stelling. Niet dat iedereen overal en altijd Nieuw Werkt. Het betekent dat we vaker dan ooit zelf bepalen wat we waar en wanneer doen. Dat geldt nu voor 62 procent van de deelnemers. Dat betekent ook regelmatig 's avonds of in het weekend. Net als vorig jaar heeft twee van elke drie daar geen moeite mee.

Misschien komt dat omdat we het werken ‘elders’ vrij beperkt houden. Ergens anders werken doen we gemiddeld één dag per week, zegt 34 procent. Vorig jaar haalde 29% dat gemiddelde. Sommige deelnemers geven zelfs aan dat ze een werkverdeling hebben gemaakt: overleggen op kantoor, uitzoekwerk thuis. “De momenten dat ik op kantoor aanwezig ben, benut ik vooral om met collega's en medewerkers in gesprek te gaan. De beleidsmatige/administratieve taken voer ik zo veel mogelijk thuis uit.”

De ruimte krijgen

Henny van Egmond is partner bij Yolk organisatie-advies en adviseert bedrijven regelmatig over HNW. Hij is te spreken over de grotere keuzevrijheid die steeds meer mensen ervaren: 'Bewuste keuzes maken is heel belangrijk in het nieuwe werken. Gelukkig zien we in het onderzoek dat medewerkers dat steeds vaker doen. Voor mij is dit het bewijs dat een organisatie het nieuwe werken goed heeft ingevoerd: als medewerkers de ruimte krijgen om deze keuzes zelf te maken.'

Deze gewenning betekent niet dat Het Nieuwe Werken ‘af’ is: leidinggevenden en medewerkers moeten nog altijd wennen aan hun nieuwe rollen. In de commentaren klinkt vaak de roep om een nieuwe manier van aansturen, meer gericht op resultaten. Want dat is nog lastig, menen veel respondenten. Het vraagt om vertrouwen in de medewerker en dus om loslaten. En ook om duidelijke afspraken. Henny van Egmond ziet een duidelijk andere rol voor leidinggevenden in de toekomst: 'In moderne organisaties hebben we meer behoefte aan leiders, die de juiste omstandigheden creëren voor mensen om hun werk te doen, die helder maken waar de organisatie voor staat.'

Medewerker leert omgaan met Nieuwe Vrijheden

Maar ook voor de medewerkers zelf is HNW nog geen gesneden koek. Aandachtspunten zijn letten op de balans werk-privé, op tijd de gewenste resultaten opleveren, voldoende contactmomenten inbouwen, tijdig om hulp vragen, omgaan met resultaatafspraken, zelf bepalen of je werkt in privé-tijd en of je 'vrij' neemt op tijden dat er meestal wordt gewerkt. Nodig is 'duidelijkheid en concrete afspraken over verwachtingen en gedrag. De medewerker moet zich verantwoordelijk voelen voor zijn werk, dat hij (deels) thuis doet.'

Doorzetten

Toch denken steeds meer mensen dat Het Nieuwe Werken niet heel erg ingewikkeld hoeft te zijn. Een respondent wijst erop dat 'veel organisaties al decennia lang zo werken. Die weten echt niet waar u zich druk over maakt.' Een ander gaat nog wat verder terug in de tijd: 'De handelsreiziger vertrok voor de Tweede Wereldoorlog al met zijn koffer in de trein om elders in het land te gaan werken. Zullen we het maar gewoon doen en gaandeweg de kleine probleempjes oplossen?' Ook Henny van Egmond vindt dat we moeten doorzetten met HNW. 'Organisaties die werkelijk een gezonde toekomst willen hebben, moeten die stap zetten. Op de oude manier blijven werken zorgt in de toekomst alleen maar voor problemen.'

Over het onderzoek

Voor de vierde keer heeft het onafhankelijk Platform Over Het Nieuwe Werken de Nationale Enquête Over Het Nieuwe Werken gehouden. Tussen 25 en 30 april hebben 4858 deelnemers bij de overheid, onderwijs cultuur, welzijn en het bedrijfsleven hun opvattingen over het onderwerp kenbaar gemaakt. Het zijn vooral kennisspecialisten en managers die zich met het onderwerp bezighouden. Ze werken op HRM (23%), bij het openbaar bestuur en de overheid (13%), op facility management en inkoop en ICT (7%). De helft is kennisspecialist; de andere helft vervult een managementfunctie.

Het volledige rapport met alle uitslagen van de Nationale Enquête Over Het Nieuwe Werken 2014 is opgenomen in de PW De Gids Whitepaper database.