Waarom bestanden en mappen nooit zullen verdwijnen

Kenniswerkers die het kantoortijdperk van vóór de opkomst van de PC nog hebben meegemaakt, zullen zo langzamerhand in de minderheid raken. Het is moeilijk om exact te bepalen hoeveel het er precies zijn, maar de meeste kantoren werken toch al zeker een stuk of twintig jaar met computers.

Even een opfrisser voor diegenen die ná de automatiseringsgolf aan hun werkende leven zijn begonnen: veel termen die worden gebruikt in de IT stammen uit de goede ouwe tijd. Een map (of folder), dat was waar je vroeger je documenten in opborg in je archiefkast. Het woord 'document' wordt trouwens ook nog wel eens gebruikt om een bestand aan te duiden. En het 'bureaublad', dat mag duidelijk zijn: dat staat symbool voor het oppervlak van je bureau.

Het is natuurlijk best te begrijpen dat we de terminologie uit de kantoorwereld overnamen in de IT - daardoor werd het voor gebruikers gemakkelijk gemaakt om te wennen aan de nieuwe, digitale omgeving. Jarenlang hebben deze begrippen ook standgehouden, maar de laatste jaren lijken de termen uit de gratie te raken. Dat heeft onder andere te maken met drie ontwikkelingen:

1. De opkomst van iOS-devices

Apple heeft zijn systeem zo ingericht dat gebruikers niet kunnen sleutelen aan het besturingssystemen, dus is er bijvoorbeeld geen standaard applicatie waarmee je door je bestanden en mappen kunt browsen.

2. De opkomst van apps

Een rechtstreeks gevolg van de bovengenoemde ontwikkeling, maar na Apple volgden ook Google en Blackberry met hun eigen appstore. Door de beperkte functionaliteit van apps, maken ze zelden of nooit gebruik van (lokaal opgeslagen) bestanden of folders.

3. De opkomst van cloud computing

Niet alleen op PC's en laptops, maar ook op mobiele apparaten wordt meer vanuit de cloud gewerkt. Doordat verschillende gebruikers tegelijkertijd aan een project kunnen werken, spreken we minder van 'bestanden' in een 'folder'. Denk aan Google Docs: je kunt online in een spreadsheet werken en bewerkingen worden automatisch opgeslagen.

Met name de derde trend, de cloud, heeft veel invloed op de manier waarop IT-systemen zijn ingericht. Informatie (bestanden) en applicaties kunnen overal opgeslagen zijn, de gebruiker heeft overal en vanaf elk apparaat toegang tot informatie. Maar toch zie je steeds meer dat gebruikers, óók in de cloud of op een iPad, de behoefte hebben aan de structuur die ze gewend zijn: die van bestanden, die zijn onderverdeeld in folders.

Werken zoals we gewend zijn

De populariteit van storage-oplossingen als ShareFile en Dropbox zijn ook deels daarmee te verklaren: zelfs gebruikers van iOS (dat in principe geen bestanden of mappen laat zien) willen toch graag blijven werken zoals ze dat gewend zijn. Aan de achterkant ziet het er totaal anders uit dan hoe het aan de gebruiker wordt gepresenteerd: in de storage-omgeving hoeven bestanden in dezelfde ShareFile-folder niet bij elkaar te staan, en zelfs de naam van een bestand is anders in de back-end.

Is dat nieuw? Nee, iedereen die de overgang van DOS naar Windows heeft meegemaakt, weet dat een van de voordelen van een grafische gebruikersinterface is dat er orde komt in de chaos.

Tags

De manier waarop we denken over IT blijft dus grotendeels bij het oude, ondanks de mobiele revolutie en de opmars van de cloud. Verandert er dan helemaal niks? Dat wel: document managementsystemen en storage-oplossingen maken steeds vaker gebruik van tags. Dropbox maakt daar handig gebruik van: het systeem herkent op die manier duplicaten (als hetzelfde bestand in verschillende mappen voorkomt) en hoeft door gebruik van tags een bestand maar één keer daadwerkelijk op te slaan.

Ik verwacht dat systemen op dit gebied de komende jaren alleen nog maar intelligenter zullen worden; slimme storage heeft de toekomst, simpelweg omdat het een stuk efficiënter is.

Maar we noemen het nog steeds bestanden. In mappen.

Gastcolumn
[block] [bold]Andreas van Wingerden[/bold] is Manager System Engineering bij [url link="http://www.citrix.nl/"]Citrix[/url]. [/block]