Silicon Valley in de lage landen

ronaldsmit
Ronkende koppen in de landelijke pers beloven een soort van Silicon Valley in - of all places - Groningen. Alles is gebaseerd op het feit dat daar in Eemshaven Google een gigantisch datacenter bouwt. De ouderwetse en traditionele aardappelvelden zullen volgens dromers dan ook snel verdwijnen. Hippe designers, hightech startups en meer moois zullen vanaf nu de weg naar Groningen weten te vinden en de aardappels vervangen.

Het lijkt inderdaad een droom die uitkomt. Groningen - toch al niet een van de rijkste en meest tot de verbeelding sprekende provincies (dat laatste is trouwens erg onterecht) - gaat gebukt onder toch wel een zekere armoede. Financiële armoede, maar zeker ook technologische armoede. Hoog opgeleiden vind je vooral in de hoofdstad Groningen, maar deze studenten trekken snel weg na hun studie. Van oudsher is het een streek van landbouw en veeteelt, van hard werken en wijdse landschappen, socialisme en zelfs ook communisme. Ideaal voor een fiets- of wandelvakantie, voor eenieder die even weg wil uit de gekte van het dagelijks leven. Groningen is ook de provincie van aardbevingen, van aardgas-actiegroepen en een bolwerk van linkse partijen. Hightech in één adem noemen met Groningen ligt dan ook niet voor de hand.

Kaboem

Dat Google juist voor Groningen heeft gekozen om een voor Nederlandse en Europese begrippen ongehoord groot datacenter te bouwen, was voor de gemiddelde politicus in deze contreien dan ook een donderslag bij heldere hemel. Een donderslag vooral ook, die de fantasie op hol deed (en doet) slaan. Want ja: nu hoorde Groningen ook bij het selecte groepje wereldlocaties dat als knooppunt voor ‘s werelds grootste zoekgigant diende. Vanaf nu stond Groningen op de kaart en wordt deze naam voortaan in één adem genoemd met plaatsen en streken als Seattle, New York, Californië en - natuurlijk - Silicon Valley. Met name deze laatste term wordt dan ook graag gebezigd door de zich ineens als ware entrepreneurs aandienende lokale politici. Want dat datacenter gaat voor een gigantische werkgelegenheid zorgen, het trekt een grote hoeveelheid technische startups aan en zorgt voor een enorme hightech bedrijvigheid in deze normaal zo gezapige omgeving!

150 banen

Een beetje kenner van datacenters weet natuurlijk dat dit een wel érg optimistische gedachte is. Oké, de bouw ervan trekt bouwbedrijven aan. Maar inmiddels is het wel duidelijk dat het vooral personeel is uit de goedkope Oost-Europese lidstaten dat daadwerkelijk bouwt aan het datacenter; hier ziet Groningen zowel op korte alsook lange termijn niets van terug. Niet in geld en niet in kennis. En ook als het géén ‘vermaledijde’ Oost-Europeanen waren geweest: ook een datacenter is qua bouwwerkzaamheden eens klaar, daarna trekt het legioen arbeiders weg naar een volgende klus. Is het datacenter eenmaal ingericht en draait alles naar wens, dan blijft er nog maar een handjevol mensen over om de zaak ook draaiende te houden. Het grootste deel van die pakweg 150 man bestaat uit facilitair personeel. Denk aan de schoonmaakploegen, de loodgieter en wat administratief grut. Het digitale onderhoud, installeren van nieuwe software, beheer en ga zo maar door, gebeurt vanuit Google’s hoofdkantoor in de Verenigde Staten, of desnoods ergens in Europa. In ieder geval niet in Groningen, daar lopen hooguit een paar mannetjes rond om defecte harde schijven te vervangen (als dat al niet via een handig automatisch systeem gebeurt) of een defecte server. Gerepareerd worden die dingen veelal ook niet meer, eenmaal defect verdwijnen ze op de schroothoop.

Klimaat

Dan de vermeende aantrekkingskracht van startups en meer. Een probleem van Eemshaven is dat het flink uit de route ligt van alles en iedereen die ook maar iets te betekenen heeft in het it-wereldje. De grote ideeën ontstaan vaak in bruisende samenspraak met gelijkgestemden. Bijvoorbeeld in een Amsterdams, Delfts of Eindhovens café, allemaal plaatsen die in het verre verleden al fors hebben ingezet op technologische ontwikkelingen. Allen ook snel en goed bereikbaar en - belangrijk - centraal gelegen. Dát is een klimaat waar startups zich thuisvoelen, waar ook veel gelijkgestemden zijn te vinden. Vanwaar je ook snel naar andere hotspots in Europa of de rest van de wereld kunt reizen als dat noodzakelijk mocht zijn.

Londen, Zurich, Mountain View... en Eemshaven?

Feitelijk is een datacenter een soort van gigantische router met - dat wel natuurlijk - héél veel extra mogelijkheden. Dat van die ‘router’ noemen we niet voor niets, want dat Google juist voor Eemshaven heeft gekozen, heeft zo ongeveer alles te maken met het feit dat hier een belangrijke trans-Atlantische datakabel aan land komt. Een rechtstreekse verbinding met thuis (lees: de VS) is juist voor Google natuurlijk wel zo prettig. Een grijze bunker vol zoemende machines gaat - hoe graag Groningen dat ook zou willen - niet ineens als een magneet werken op it’ers die in Groningen het beloofde land zien. Sterker nog: een datacenter als dit is volledig dichtgetimmerd en biedt geen enkele creatieve impuls. Het echte creatieve werk wordt gedaan in de kantoren en campussen van Google, zo’n datacenter is slechts een fabriek die de digitale enen en nulletjes ordent onder hoede van de creatieve geesten elders. Dat die kantoren vol veelal jonge denkers zich in steden als Dublin, Londen, Zurich, Mountain View (in het tot de verbeelding sprekende Californië) staan, geeft al aan dat creativiteit gestimuleerd wordt in bruisende omgevingen. Staren over oneindig golvende graanlandschappen brengt kunstenaars misschien in vervoering, een digitale creatieveling krijgt er de zenuwen van. Oké: misschien de nerds die zich liefst solitair opsluiten in hun kantoor niet, maar die malen veelal ook niet om dergelijke landschappen. Degenen die het echt gaan maken in de it-wereld beschikken naast technische kennis en een neus voor zaken over sociale vaardigheden. Netwerken is al jarenlang het toverwoord in de kenniseconomie. Iets wat toch wat minder werkt in een Gronings dorp met wat gezapige bruine kroegen.

Uit de route

Zitten we hier nu Groningen belachelijk te maken? Helemaal niet, maar je moet wel realistisch blijven. Groningen is het land van prachtige vergezichten, landbouw, toerisme en ga zo maar door. Juist de agrarische sector is een van de pijlers waar Nederland van oudsher op gebouwd is. Dat hoef je niet te verloochenen. Er is weinig mis met Groningen zoals het nu is. Wat Groningen in ieder geval niet gaat worden met de bouw van het datacentrum, is een verzamelcentrum voor hightech creatievelingen. En zie potentiële klanten maar eens zover te krijgen naar jouw geïsoleerde werkplek te komen om face-to-face - ook in deze tijd toch nog altijd belangrijk - een deal te sluiten.

Noord-Holland

Overigens maakt niet alleen Groningen zich schuldig aan digitaal dagdromen, want sinds Microsoft aankondigde een ook al gigantisch datacenter in de kop van Noord-Holland te gaan bouwen is het hek daar ook een beetje van de dam. Net als in Groningen zijn het natuurlijk vooral de lokale PR-bureaus die al spreken van een Noord-Hollands Silicon Valley. Alwéér die locatie waaraan gerefereerd wordt, waarom toch? Oké, er is een vergelijking want Silicon Valley was vóór de digitale revolutie ook een wat ingeslapen landbouwgebied. Maar we praten dan wel over decennia terug. Toen it nog in de kinderschoenen stond en de VS sowieso al het ‘land der onbegrensde mogelijkheden’ was. Californië - de staat van het altijd zonnige plezier - trok simpelweg een hoop mensen waarvan een deel nerds, entrepreneurs en techneuten aan. Al was het maar omdat de prestigieuze Stanford University midden in het gebied dat nu als Silicon Valley bekend staat is gevestigd. Daarnaast ligt San Fransisco - ook al een stad bekend van vrijdenkers, creatievelingen en meer - op een steenworp afstand. Kortom: de locatie was als het ware voorbestemd om een rol te gaan vervullen in de wereldgeschiedenis. Of in ieder geval de Amerikaanse geschiedenis. De locatie was strategisch gezien ideaal en goed bereikbaar vanuit tenminste één tot de verbeelding sprekende stad. Da’s met Eemshaven dan toch wel iets anders, daar ga je toch niet in je Hawaï-shirt en teenslippers onder een (plastic) palmboom op de (niet-bestaande) boulevard zitten.

Door: Ronald Smit

Ronald Smit | Redacteur

Ronald Smit reist de wereld af met zijn laptop en smartphone, op zoek naar verhalen. Zijn specialismen liggen bij  economische onderwerpen, handige ict-toepassingen en iPad-apps.

Bekijk alle artikelen van Ronald