Navigator op reis handig, maar kan beter

Iedere zomer groeit het percentage mensen dat een gps-navigator naar de vakantiebestemming gebruikt. WINMAG vroeg bezoekers van deze site hoe deze zomer de elektronische bijrijder is bevallen. De respons is overwegend positief, maar er zijn ook teleurgestelde gebruikers.

Op de vraag "Veel lezers gebruikten een navigatiesysteem naar hun vakantiebestemming. Hoe beviel het?" kreeg WINMAG.nl van 248 respondenten de volgende antwoorden:

■prima: 60 %
■aardig, niet optimaal: 30 %:
■ik vond het niks: 10 %

Een ruime meerderheid is dus dik tevreden. Aan de andere kant: bij een flinke minderheid waren er - op zijn minst - verbeterpunten voor de leveranciers van navigatiekits.

Verbeterpunten
Gebruiksvriendelijkheid is volgens WINMAG een van de belangrijkste verbeterpunten. De afgelopen jaren was een technisch onderlegde voorhoede van 'early adaptors' actief met navigatie. Pas de laatste twee jaar, sinds de TomTom Go en zijn vele navolgers, is de draagbare navigator een echt massaproduct geworden.

Dit brengt met zich mee dat deze apparaten nog veel eenvoudiger moeten kunnen worden bediend dan die van de eerste generatie. De TomTom Go en ONE bijvoorbeeld, spelen hier goed op in. Zij zijn net zo eenvoudig te bedienen als de Senseo-espresssomachine (niet voor niets een million seller voor Philips).

Ook de functionaliteit is een punt: liever niet matig uitgevoerde extra functies (mp3-speler, fotoviewer), maar liever n of twee functies heel goed. Dus naast navigatie van A naar B, en dat grensoverschrijdend, een echt goede verzameling Point of Interest (POI); toeristisch interessante plekken op de kaart om naartoe te navigeren. Op heel wat navigators zijn juist deze POI's in het buitenland wat mager uitgevoerd. Zelfs in de veelgeprezen TomTom-kits staan veel Franse restaurants niet op de kaart.