Gezocht: robot (m/v)

Jordi Smit
Technologie blijft zich onverminderd doorontwikkelen. De wereld van ICT, AI en automatisering zit in een stroomversnelling en nieuwe technologieën lijken elke dag het licht te zien. Dit alles brengt ons verlichting van werk, goedkopere producten en geavanceerdere apparaten die ons leven makkelijker maken. Soms is het echter goed om een kritische blik te werpen op de ogenschijnlijke vooruitgang. Daarom nemen we een decennia-oude vraag onder de loep: kan technologische ontwikkeling té ver gaan?

In 1905 staan er twee paarden in de wei. ‘Al die nieuwe auto’s tegenwoordig, ik vind het maar niks. Voor je het weet zitten wij straks zonder baan’, piekert de ene. Het andere paard reageert: ‘Vind je het dan niet fijn dat die automatisering ons leven zoveel makkelijker heeft gemaakt? We hoeven bijna geen karren meer te trekken, het werk op het platteland is stukken lichter en we hoeven niet meer het leger in. Er zal bovendien altijd wel werk zijn voor paarden zoals wij.’ Ruim honderd jaar later weten we wel beter; er zijn nog wel enkele paarden met ‘banen’, maar het aantal paarden is drastisch gedaald sinds 1915. De reden? We hebben ze niet meer nodig.

Dit is het scenario waar veel mensen bang voor zijn. Hoe lang zal het duren voordat robotisering menselijke arbeid overbodig maakt? En wat zal er gebeuren als een groot gedeelte van de mensheid zonder werk komt te zitten omdat hun banen zijn vervangen door robots? Het is geen ongegronde angst, het tempo waarin robotica zich ontwikkeld is ongekend hoog. Hierdoor worden er niet alleen nieuwe technologieën ontdekt, reeds bekende technologieën worden ook steeds goedkoper. Hier zit de echte dreiging, want robots worden pas interessant wanneer ze goedkoper zijn dan mensen.

Dommekrachten

Wanneer we het hebben over robotica kunnen we grofweg twee soorten robots onderscheiden: dommekrachten en slimme robots. Met de dommekrachten zijn de meeste mensen al bekend, denk maar aan een assemblagelijn in een autofabriek of een volledig geautomatiseerde productielijn. Hoewel er bij de introductie van deze robotcollega’s wel degelijk protest was, zijn zij die terug willen naar de oude fabrieken spaarzaam.

Deze dommekrachten zijn enorm goed in het uitvoeren van één specifieke taak. Een programmeur kan zo’n robot volledig optimaliseren, waardoor hij zijn taak sneller, effectiever, gezonder en goedkoper kan uitvoeren dan zijn menselijke voorgangers. Dit maakt dat gedurende de twintigste eeuw veel fabrieksbanen werden vervangen door robots. Deze robotisering leverde echter een geheel nieuwe arbeidsmarkt op. Programmeurs, technici, ICT-ers, technisch ontwerpers, monteurs: allen nodig, ter ontwikkeling, beheer en onderhoud. Bovendien moeten veel dommekrachten nog steeds door mensen aangestuurd worden en is er menselijke interventie nodig in het geval van een calamiteit of onregelmatigheid.

Slimme robots

Er is echter een nieuw soort robot in opkomst: de slimme robot. Je zou denken dat deze nieuwe, geavanceerdere robots ook nieuwe banen zullen creëren. Ja, er zullen nieuwe banen komen, maar stukken minder dan bij de eerste robotiseringgolf. Dat komt door twee kleine letters, kort voor twee enorme woorden: AI.

De nieuwe generatie robots wordt veelal ontwikkeld met Artificial Intelligence (AI). Denk bijvoorbeeld aan de zelfrijdende auto; deze auto’s brengen je niet alleen van A naar B, maar kunnen ook hun eigen route bepalen, reageren op het verkeer en rekening houden met externe factoren zoals het weer en files. Tel daarbij op dat een elektrische auto niet dronken, moe of afgeleid wordt en je begrijpt waarom taxi- en vrachtwagenchauffeurs de ontwikkeling als een reële dreiging zien.

Daarnaast is er een tak binnen de AI die robots nog slimmer weet te maken. Steeds meer ICT-ers, onderzoekers en programmeurs houden zich bezig met machine learning. Met behulp van machine learning kunnen robots niet alleen doen wat programmeurs van hen vragen, ze kunnen zichzelf ook verbeteren. Ze leren van hun fouten, breiden zelf hun kennis uit en updaten hun eigen software. Bovendien kunnen slimme robots aangesloten worden op een netwerk van andere slimme robots, zodat ze ook van elkaars fouten kunnen leren en hun kennis kunnen delen.

Dit maakt dat ook mensen met complexere beroepen, zoals rechters, chirurgen, astronauten en wetenschappers, concurrentie kunnen verwachten. Stel je een onderzoeker voor die alle kennis van alle onderzoekers ooit bezit, een historicus die alle geschiedenisboeken heeft gelezen, of een rechter die elke vergane uitspraak en zaak mee kan nemen in zijn beslissing. Robots zijn nog lang niet zover dat ze dit perfect kunnen doen, maar hoe lang zal het duren totdat ze het beter kunnen dan mensen?

LEES OOK: Waarom geen robot als collega?

Creativiteit versus technologie

Fysieke arbeid en kennisintensieve beroepen kunnen in de toekomst dus worden uitgevoerd door robots, maar hoe zit dat met de creatieve industrie? Een robot zal toch nooit een creatief brein kunnen vervangen? Niet helemaal waar. Er zijn al robots die op basis van een enorme database aan menselijk werk schilderijen, boeken, gedichten en liedjes kunnen schrijven.

Op creatief gebied is er echter nog een lange weg te gaan voor robots. Aangezien hun creativiteit niets anders is dan een gemiddelde interpretatie van een verzameling bestaand werk, zullen ze nooit geheel onverwachts handelen. Een perfecte Mondriaan, oké. Kan de berekende afweging van bestaand werk echter als eigen stijl benoemd worden?

Dat robots geen onverwachte meesterwerken kunnen creëren, betekent niet dat robots geen creatieve banen zullen overnemen. Dichters, vrees niet. Voetbaljournalisten, overweeg een terugkeer naar de schoolbanken: een onafhankelijk verslag van een voetbalwedstrijd hoeft geen probleem te zijn.

Gelukkiger leven

De eerst golf van robotisering zorgde voor betere volksgezondheid, een gelukkiger leven en een enorme economische groei. De tijd dat robots onze banen overnemen, mag dan in het verschiet liggen: de geschiedenis leert dat dat helemaal niet erg hoeft te zijn.

afbeelding van Jordi Smit
Door: Jordi Smit

Jordi Smit | Redacteur

Bekijk alle artikelen van Jordi